DE EERSTE 1000 DAGEN

In het 2018 verschenen boek De eerste 1000 dagen  beschrijft Tessa Roseboom het fundamentele belang van een goed begin vanuit biologisch, medisch en maatschappelijk perspectief. 

Waarom zijn de eerste 1000 dagen zo belangrijk?

 

De eerste duizend dagen van het leven, geteld vanaf het moment van de bevruchting tot de tweede verjaardag, zijn cruciaal voor de rest van ons leven. In geen enkele periode worden er meer biologische mijlpalen behaald. De omgeving waarin een mens zich ontwikkelt van enkele cel tot peuter van twee bepaalt de kansen voor de rest van het leven.
 

Zo komen chronische ziekten vaker voor bij mensen die een valse start hebben gemaakt. Ook de kansen op school, op de arbeidsmarkt en in de maatschappij zijn afhankelijk van de vroege omgeving waarin mensen zich ontwikkelen. Economisch en menselijk gezien zijn investeringen in een goede start de slimste investering die we kunnen doen. Bouwen aan een gezonde, eerlijke maatschappij begint met een stevig fundament.

SAMEN NAAR DE GEZONDSTE GENERATIE

Op landelijk niveau trekken de overheid, zorgprofessionals, verschillende (vrijwilligers)organisaties en de Samenwerkende Gezondheidsfondsen (SGF) al langere tijd samen op. In verschillende samenwerkingsverbanden wordt hard gewerkt aan de realisatie van een goede en gezonde start.

 

Op lokaal niveau vormen gemeenten, zorgverzekeraars en zorgaanbieders die een rol spelen rond de geboorte, een verband. 

De betrokken zorgaanbieders zijn onder meer jeugdverpleegkundigen, jeugdartsen, jeugdzorg, welzijnswerk, GGZ, huisartsen, verloskundigen, gynaecologen, kraamzorg- en wijkteammedewerkers. Door al deze partijen wordt hard gewerkt aan het realiseren van een goede en gezonde start voor kinderen. En door de krachten te bundelen ontstaat er een vliegwiel om de gezamenlijke doelstellingen te realiseren.